Zou het een schimmeltje zijn?

In de loop van onze pedicurecarrières marcheren er heel wat schimmelparades door de praktijkruimte. Figuurlijk gelukkig. Ik schat, dat toch minstens een derde van mijn clientèle mycose heeft of mycose had. Ze gaan er allemaal anders mee om. De een griezelt ervan en gaat fanatiek aan de slag met alle druppels, sprayen en poeders die er maar te krijgen zijn. De ander gaat de strijd het liefste direct met pillen aan, ook al gaat het maar om één minuscuul nageltje. Wat hun lever daarvan vindt, interesseert ze niet.

Er zijn klanten, die wel van de schimmel afwillen maar het mag niks kosten. Ze gaan vast druppelen maar met die spray voor de schoenen wachten ze nog eventjes, zeggen ze met een zuinig mondje. Dat alleen druppelen echt geen zin heeft, willen ze niet horen. Niet alle mensen zijn even therapietrouw. De eerste weken druppelen en sprayen ze ijverig, daarna komt de klad erin. Tot slot is er de groep, die eeuwig in de ontkenningsfase blijft. Esther is daar een voorbeeld van.

Ze wilde dolgraag van die lelijke plekjes in haar nagels af. Ik legde haar de hele riedel over schimmels en behandelmogelijkheden uit. De mycose was beperkt, het leek mij het beste om de plekjes lokaal te behandelen. Ik stelde voor om eerst een stukje nagel naar het laboratorium te sturen. De andere optie was, dat ze het probleem met haar huisarts besprak. Esther wilde er eventjes over nadenken.

Acht weken later vertelde ze, dat ze in het najaar wilde starten met de behandeling. Het werd zomer en ze ging die plekjes fijn onder een laklaagje verbergen. Misschien gingen ze dan vanzelf wel weg.

In de herfst waren de mycoseplekken er niet kleiner op geworden. Opnieuw legde ik de behandelmogelijkheden aan haar uit. Maar Esther had op dat moment belangrijkere zaken aan haar hoofd. Ze zou zélf wel aangeven wanneer ze wilde starten met een behandeling. Prima, ik hoorde het wel.

Ruim een half jaar later vroeg Esther mij wat er nou eigenlijk met die teennagels aan de hand was. Huh? Had ik het echt zo onduidelijk uitgelegd? Zwijgend stapte ik over mijn ergernis heen. Ik vertelde haar opnieuw dat het waarschijnlijk om een schimmel ging en wat we daaraan konden doen. Ester wilde er eerst over nadenken.

Drie maanden later stapte ze verontwaardigd de praktijkruimte binnen. Volgens haar huisarts had ze schimmelnagels! Hij had meteen een gel voorgeschreven. Had ik niet eerder zoiets aan haar kunnen geven? Ik zuchtte diep en telde tot tien. Het had geen zin om hierop in te gaan. In plaats daarvan moedigde ik het behandelen aan.

Esther had kennelijk toch geen vertrouwen in de gel, want na een paar weken gaf ze hier de brui aan. Het spul stonk en haar nagels werden er gênant geel van. Ze besloot er niets meer aan te doen. Toen bestelde ze ineens een lamisilkuur via de internetapotheek. Na vier weken slikken stopte ze daar acuut mee: ze had in een tijdschrift gelezen, dat die troep je reinste gif voor de lever was! Waarom had niemand haar dat verteld? Ondanks de afgebroken kuur groeiden haar nagels prachtig uit.

Helaas, toch te kort geslikt en verzuimd om de schoenen te behandelen. Afgelopen week bespeurde ik een nieuw mycoseplekje in een nagel. Zonde! Ik stelde Esther voor om de nagel en de schoenen meteen lokaal aan te pakken. Verbaasd keek ze me aan: als ze had geweten dat dit soort middeltjes bestonden, dan was ze nooit aan die zware gifkuur begonnen. Enfin, ze zou erover nadenken.
Toen brak mijn orthopedisch verantwoorde klomp.

Bernadet