Hebt u het koud, mevrouwtje?

Afgelopen zaterdagavond, op de terugweg na een overheerlijke vakantie, houdt onze auto het plotseling voor gezien. We zijn nog net niet in Nederland. Dikke rookwolken achter ons. Behendig stuur ik de auto de parkeerplaats naast de autoweg op. Wat een geluk dat die daar nu juist ligt. We zijn geschrokken en balen als een stekker. Deze klus kunnen we onmogelijk zelf klaren, dus bellen we de ANWB-alarmcentrale.

De centralist vraagt vriendelijk of alles goed is met ons en of we op een veilige plek staan. Ja hoor en we hebben netjes onze veiligheidshesjes aangetrokken. Meelevend zegt hij hoe vervelend hij dit voor ons vindt. “Volgens de procedure brengt een takelwagen uw auto naar de dichtstbijzijnde garage. Daarna brengen we u naar een hotel. Morgen zien we dan weer verder”. Ai, een hotel zoeken om middernacht? Morgen is het zondag, dus zal er voorlopig geen monteur naar onze auto omkijken. Maandagmorgen om half 9 moet ik paraat staan voor mijn eerste cliënt. Het zweet breekt me ter plekke uit. “Eens kijken, u woont in X zie ik”, vervolgt de centralist. “Dat is eigenlijk niet eens zo ver meer. Weet u wat: ik kijk of ik een chauffeur bereid vindt om u en de auto met een takelwagen op te halen en rechtstreeks naar huis te brengen. Dat is natuurlijk veel fijner voor u.” Wauw, wat een prettig plan.

Tijdens het wachten op de takelwagen belt de centralist nog een keer om te informeren hoe het met ons gaat. Anderhalf uur later staat er een vrolijke chauffeur voor onze neus. “Geen zorgen meer, ik breng u lekker naar huis. Ik zie dat u het koud hebt, mevrouwtje. Gaat u maar vast fijn in de cabine zitten.” Normaliter stijger ik bij dergelijke verkleinwoordjes. Maar nu klinken ze me hartverwarmend in de oren. In een wip wordt onze auto opgetakeld en dik twee uurtjes later zijn we thuis.

Weer prinsesheerlijk in mijn eigen bedje bedenk ik hoe fijn het is om in zo’n ietwat benarde situatie hulp te krijgen en hoe belangrijk het is als die hulpverleners zich in jouw situatie weten te verplaatsen. Snappen dat lang wachten in de nacht vervelend is, dat je het waarschijnlijk koud hebt, dat je geschrokken bent, moe bent en graag naar huis wilt. Gedeelde smart voelt toch een beetje als halve smart.

Door dit aan den lijve te ervaren, besef ik weer dat inlevingsvermogen een essentiële rol bij de uitoefening van ons beroep speelt. Begrijpen hoe vervelend pijn aan de voeten is en hoeveel energie dat kan vergen. Invoelen waarom cliënten angstig of nerveus voor een behandeling zijn. Voor ons is de aanpak van een likdoorn of ingroeiende nagel wel gesneden koek, voor veel cliënten is dat het bepaald niet. Als zij voor het eerst een mesje, freesje of tangetje zien, kunnen ze dat best eng vinden. Rekening houden met al die gevoelens en ieders persoonlijke omstandigheden. Empathie tonen en geruststellen, Bernadet. Waar een gevalletje pech al niet goed voor is.

Bernadet