Grrrrr…. Woef!

Woef! Grrrrr….woef, woef! Heftig gehijg en driftig trappende poten. “Koest, Kyra! Hou je kop”, schreeuwt een overslaande stem erachteraan. “Woef!” Wat zullen we nou krijgen? Een hond in de praktijk? Dit heb ik nog nooit meegemaakt! “Hier moet ik echt even naar toe”, verexcuseer ik me tegenover de cliënt in de stoel.

De hond – een enorm bakbeest met lange woeste haren – springt al blaffend hoog tegen me op. Daar heb ik al een vuile veeg op mijn uniformjasje te pakken. Zijn frêle bazin kan hem nauwelijks in bedwang houden terwijl ze me een hand geeft. “Sylvia, aangenaam”, hijgt ze. “Sorry dat ik hem mee moest nemen. Maar ik vond zo gauw geen oppas. Hij doet je niks hoor.”

Wat moet ik hier mee? Sylvia is een nieuwe cliënt. Ze heeft stekende pijn onder de bal van de linkervoet, vertelde ze me tijdens het telefoongesprek. Ik vermoed een likdoorn. Ze komt van verder weg. En aangezien ik wel wat nieuwe cliënten kan gebruiken, wijs ik haar nu niet graag de deur. Maar ik laat die hond onder geen beding in de praktijkruimte, dat druist tegen alle Coderegels in.

“Hier mogen geen honden komen, Sylvia. Dat is vooral in verband met de haren nogal onhygiënisch”, leg ik uit. “Kun je ‘m een half uurtje in de auto laten?” Maar nee, dat kon beslist niet. “Kyra heeft ADHD. In haar eentje raakt ze in paniek. Dat overleeft het leer in mijn auto niet. Ja, sorry hoor, maar er staat niet op je website dat mensen hun hond niet mogen meenemen. Ik kan ‘m toch strak aan de lijn houden?”

Ik denk koortsachtig na. Ineens schiet me het artikel over conflicthantering te binnen. Niet boos worden en me niet laten intimideren, herinner ik me. Maar stond er ook in hoe ik om kan gaan met acute geschillen? O, ja: water bij de wijn doen! Een compromis sluiten.

Dus stel ik voor om de vermoedelijke likdoorn bij hoge uitzondering met een mesje handmatig weg te halen in de wachtkamer en een nieuwe afspraak te maken voor de rest van de voetverzorging. Zo houd ik Kyra buiten de praktijkruimte en is Sylvia hopelijk alvast van de ergste pijn af. Ik zeg er bij dat ze voortaan echt voor een oppas moet zorgen. Zuchtend gaat ze akkoord.

Ik krijg flink spijt van mijn compromis. Kyra blaft aan een stuk door. Sylvia schreeuwt zowat onophoudelijk dat hij stil moet zijn. Hij zet zijn tanden in het kunstleer van de beensteun. De likdoorn is gelukkig snel verwijderd maar dan is het kwaad al geschied: overal haren, mijn beensteun beschadigd en kwijl op de grond.

Terwijl ik de rest van de behandeltijd benut om de wachtruimte te soppen en de lucht letterlijk te klaren, bedenk ik dat ik mijn dag nooit meer zo in het HONDerd laat sturen.
Grrrrrr…..

 

Bernadet